International Palm oil workers United
Vakbonden van palmoliewerkers verenigen zich voor eerlijke palmolie
Palmolie zit in veel van onze voedingsproducten en schoonmaakmiddelen. De industrie is slecht voor de natuur én voor de werknemers op de plantages. Mondiaal FNV zet zich in voor vakbonden en werknemers in Indonesië, Colombia en Afrika (Ghana, Kameroen, Liberia, Nigeria en Uganda). Samen vormen we het internationale vakbondsnetwerk International Palm Oil Workers United.
Waarom palmolie?
Vervangers van palmolie hebben vaak meer grond nodig en zijn minder winstgevend. De vraag naar palmolieplantages neemt daarom alleen maar toe, wat leidt tot ontbossing en verlies van regenwoud en biodiversiteit. Steeds meer mensen werken in de industrie, waaronder al 16 miljoen mensen in Indonesië. Nederland doet ook mee, als importeur en exporteur van palmolie en palmolieproducten.
Slechte arbeidsomstandigheden
Het oogsten van de palmolievruchten is zwaar werk. Bijna op alle plantages is er sprake van ongezonde arbeidsomstandigheden. Werkgevers gebruiken pesticiden zonder goede bescherming, veel vrouwen werken op de plantages en werknemers hebben geen vaste contracten en krijgen geen leefbaar loon. Vakbonden staan vaak voor een grote uitdaging door het tegenwerken door de werkgever. In Colombia is vakbondswerk zelf zo gevaarlijk dat vakbondsleiders worden vermoord.
Mondiaal FNV ondersteunt vakbonden bij het opkomen voor goede arbeidsomstandigheden. Werknemers krijgen trainingen over onderhandelen, intimidatie op de werkvloer en over veilig en gezond werken. FNV steunt daarnaast ook campagnes en onderzoek van de partners. In Colombia en Indonesië zijn al coördinatie netwerken opgebouwd.
Internationaal vakbondsnetwerk
De hele keten moet samenwerken om de arbeidsomstandigheden te verbeteren. Een aantal grote bedrijven zijn bepalend voor de verhoudingen in de keten en voor de omstandigheden op de plantages. Belangrijke spelers zijn de olieverwerkende raffinaderijen, wat grote multinationals zijn, met ook vestigingen in Nederland. Maar ook de grote voedsel- en shampoomerken en supermarkten spelen in rol.
Om de omstandigheden te verbeteren zijn we in 2022 gestart met de opbouw van het internationale vakbondsnetwerk International Palm Oil Workers United.
Neem je verantwoordelijkheid
Het netwerk komt op voor goede arbeidsomstandigheden, een leefbaar loon en veilig en gezond werken in de palmolieplantages en malerijen.
We spreken bedrijven aan op hun verantwoordelijkheid voor de hele keten. Met de OESO-richtlijnen en aankomendewetgeving over mensenrechten worden bedrijven verplicht de risico’s op mensenrechtenschendingen in hun keten te communiceren en te verbeterenOnderdeel daarvan is ook een betekenisvolle dialoog met zogenaamde ‘stakeholders’ in alle fases van het proces. Vakbonden in productielanden moeten dus ook een plek hebben in de dialoog met die bedrijven.
We beginnen bij de bedrijven die linken hebben met plantages waarop wij partnerbonden hebben, en waar ook de FNV georganiseerd en betrokken is. Want hoewel we het in Nederland over het algemeen beter hebben dan in de palmolie productielanden, is een krachtige internationale samenwerking ook van belang voor de versterking van onze positie als FNV binnen deze bedrijven. Samen staan we sterk.
Het doel van het netwerk
- Uitwisselen van ervaringen en van elkaar leren.
- Solidair zijn met elkaar wanneer vakbonden in actie komen of een conflict hebben met een bedrijf.
- Samen sterk staan om te kunnen onderhandelen met grote spelers in de keten, om hen verantwoordelijkheid te laten nemen over het verbeteren van de arbeidsomstandigheden.
Goede arbeidsomstandigheden
We willen goede arbeidsomstandigheden voor palmoliewerkers. We richten ons op:
- Leefbaar loon
- Werkzekerheid
- Veilig en gezond werken
- Eerlijk werk
- Vakbondsrechten
Consument is grootverbruiker van palmolie
Palmolie is een belangrijk ingrediënt voor veel voedingsmiddelen en cosmeticaproducten. Ook wordt het gebruikt als biobrandstof en als olie om in te bakken. Zonder het te beseffen zijn wij, de consument, grootverbruiker. De wereld kan moeilijk zonder palmolie omdat andere oliën vaak (nog) meer grond nodig hebben en minder opbrengen per hectare. De vraag naar palmolie is enorm toegenomen en dit heeft geleid tot meer plantages en, met name in Azië, veel ontbossing en verlies van regenwoud en biodiversiteit.
Palmolie is een winstgevend product voor vele bedrijven
Dit betekent ook dat steeds meer mensen in de palmolie werken. In Indonesië alleen al naar schatting 16 miljoen mensen. Daaronder zijn veel kleine boeren. Maar een groot deel werkt op plantages, vaak van grote bedrijven. De eerste persing van de geplukte vruchten moet binnen 24 uur gebeuren, dus dat gebeurt ter plekken in malerijen (mills). De verdere verwerking en raffinage gebeurt veelal op andere plekken in de wereld, waaronder Nederland. Nederland is een grote importeur en ook weer exporteur van palmolie en palmolieproducten. Voor veel bedrijven is palmolie een uiterst winstgevend product.
Uitdagingen voor werkers
De situatie voor de werkers verschilt per land en regio maar er is ook veel gelijkenis. Het oogsten van de palmolievruchten is heel zwaar werk. Bijna overal is er sprake van ongezonde arbeidsomstandigheden. Er wordt veel gebruik gemaakt van pesticiden, vaak zonder adequate bescherming. Vrouwen werken ook in grote getale op de plantages. Vaak gebeurt het spuiten door hen en ze rapen de losse vruchten van de grond. Weinig mensen hebben een vast contract met sociale zekerheid en andere voorzieningen. Vrouwen hebben minder vaak een vast contract dan mannen. De lonen zijn vaak laag, soms zelfs onder het wettelijk minimum. Het organiseren in vakbonden is een hele uitdaging vanwege tegenwerking, de vele losse werkers en de vaak veraf gelegen plantages. Zeker in Colombia is vakbondswerk gevaarlijk, soms zelfs tot moord van vakbondsleiders aan toe.
Hoe werkt Mondiaal FNV aan de verbetering van de arbeidsomstandigheden
Mondiaal FNV steunt al meerdere jaren vakbonden in Colombia en Indonesië die de werkers op de palmolieplantages en in de malerijen organiseren, de arbeidsomstandigheden controleren en onderhandelen met werkgevers. Sinds 2020 steunen we ook vakbonden in Afrika (Ghana, Kameroen, Liberia, Nigeria en Uganda).
Mondiaal steunt de vakbonden bij de opbouw van capaciteit, zoals het goed kunnen onderhandelen, het organiseren van meer werkers, het trainen van vrouwen, op thema’s als intimidatie op de werkvloer, het trainen over veilig en gezond werken en noem maar op. Ook steunen we campagnes en onderzoek van onze partners. Zowel in Colombia als Indonesië zijn coördinatie netwerken opgebouwd. De prioriteiten worden bepaald door de bonden in de verschillende delen van de wereld.